Waterschapwerk rond de Baakse Beek Veengoot

Gepubliceerd op 25 september 2017

Bierman-600

Samen met agrariërs en inwoners maakt het waterschap Rijn en IJssel de Baakse Beek steeds mooier. Naast nieuwe initiatieven en activiteiten moet de beek ook goed onderhouden worden. Hans Bierman werkt in het gebied van de Baakse Beek Veengoot. Hij begon er zijn loopbaan 29 jaar geleden als onderhoudsmedewerker, samen met collega Henri Peppelman. Ook nu werken ze - sinds vier jaar - weer samen in het gebied, Henri als servicemedewerker en Hans als uitvoerder. Ze kennen de streek als hun broekzak en ze maken er heel wat mee. Hun verhalen delen we graag in deze en volgende nieuwsbrieven, Hans bijt het spits af.

Nooit koffie afslaan!

‘Toen we 29 jaar geleden begonnen, werden we ingewerkt door twee oudere collega’s: Willem Ooiman en Gert Reukers. Het was een tijd met veel handwerk, het maaien ging nog met het snit, je stond met je laarzen in het water en je was altijd buiten. Henri en ik brachten een beetje modernisering mee: een auto met een radio, zodat we de weerberichten konden volgen. Dat vonden Willem en Gert prachtig! We gingen ‘s ochtends altijd met opdrachten op pad die we dan uitvoerden, er was geen mobiel of computer, je deed je werk in een gemoedelijke sfeer. De ingelanden waren blij je te zien, en als het uit kwam kreeg je koffie. Je kreeg ook weleens te veel koffie, haha, maar het advies van onze oudere collega’s was: nooit koffie afslaan! Want anders krijg je misschien nooit meer wat.’

Tijden veranderen

‘Sinds vier jaar werk ik weer rond de Baakse Beek Veengoot, na vijf jaar in het Berkelgebied. Waar we vroeger werkten met teams van elk 5 man in drie deelgebieden doen we het hu met twee teams in het hele gebied: met minder mensen en minder machines. Een ander verschil met toen is dat de mensen nu veel mondiger zijn: ze volgen de maaikalender op de pc en zijn kritischer, de boeren ook. Ik vind het prima dat ze meedenken, dat houdt je scherp. Ik merk in mezelf weleens een tweestrijd: ik hou van de natuur, ik heb een achtergrond als hovenier. Maar ik zie graag een strakke watergang die onkruidvrij is, zodat de doorstroming goed is. Je kunt niet op een klein stukje grond alle belangen en wensen bedienen, daarom ben ik voor meer ruimte voor de natuur. Maar niet alleen in de watergangen: het watersysteem moet worden opengehouden om de pieken zo goed mogelijk af te kunnen voeren. Ik ben 2010 nog niet vergeten.’

Communicatie op maat

‘Het gebied is kwetsbaar en doordat er veel landbouw is, is de streek extra kwetsbaar voor het weer. Dat weten we allemaal en daarover moet je samen kunnen praten. Het waterschap is daarin opener geworden, we zijn als medewerkers meer op de hoogte en kunnen daardoor beter de boodschap brengen in het veld, zodat er meer wederzijds begrip is. Ik vind dat een heel goede ontwikkeling: er is meer uitleg en meer contact zodat we als waterschap dichter bij de mensen staan. Daardoor kennen we ook constructiever samenwerken. Communicatie is maatwerk, je hebt bijvoorbeeld kleiboeren en zandboeren, die vragen elk om een andere benadering. De kleiboer is wat stugger en directer, de zandboer is wat meer ontspannen en gemoedelijker. Je kent je pappenheimers ondertussen, haha. De een heeft geen tijd, de ander wel, we hebben te maken met zoveel verschillende mensen. ‘

Niet onderuit hangen

‘Door de jaren heen hebben we veel trainingen gehad, zoals op het gebied van communicatie. Dat maakt het werk makkelijker en je kunt zo iedereen netjes te woord staan. Vanuit het waterschap is er een prima begeleiding en ondersteuning: we krijgen wel 4 of 5 trainingen of cursussen per jaar, dat is heel goed voor de eigen ontwikkeling. We moesten ook mee in de automatisering. De omslag naar het werken met een computer ging niet vanzelf, ik zie mezelf nog zitten met mijn kinderen, die me van alles moesten uitleggen, met heel veel geduld. Maar ik ben er wel door gegroeid. Na mijn diploma ben ik niet onderuit gaan hangen, ik blijf steeds bijleren.’

Verjaardagen met een borrel

Hans haalt, met een grote glimlach, nog een oude herinnering op. ‘Toen ik pas bij het waterschap werkte, dronken Henri en ik nog een borrel. Ik zeg altijd: bij het waterschap hebben we jenever leren drinken, van onze oude collega’s Willem en Gert . Bij verjaardagen werd er altijd getrakteerd op gebak en een borrel want van bier moest je vaak plassen, zeker als je veel met water werkt. Ik herinner me een verjaardag, die was zo gezellig dat aan het einde van de dag de jeneverfles leeg was. En net op dat moment kwam de baas langs voor een controle. Dat gaf natuurlijk behoorlijk wat hilariteit. Nu kan dat allemaal natuurlijk niet meer en terecht. Maar nog steeds gaan Henri en ik op 11 november naar Marie Ooiman. Dat is de verjaardag van Willem, en dan drinken we een kopje koffie met gebak bij haar. Maar geen borrel meer!’